Juridische risico's & Compliancy
Inlenende organisaties lopen risico's op navordering en boetes van de fiscus naast een kans op imago-verlies als ze aan diverse juridische en administratieve verplichtingen ('Non-compliant zijn'). Een ander soort risico heeft te maken met integriteits-schendingen, indien er zaken worden gedaan met malafide bureaus of flexkrachten met een dubieus verleden.
De inlener moet er bijvoorbeeld voor zorgen dat hij kan aantonen dat de flexkracht niet in loondienst voor hem werkt, anders kan de fiscus stellen dat er wel een dienstverband is (geweest) waarover dan alsnog loonbelasting en premies moeten worden betaald eventueel verhoogd met een boete tot 100%.
Daarnaast doet de inlener er verstandig aan om te controleren of het flexbureau dat soms als werkgever optreedt, wel de werkgeversplichten nakomt, anders is de inlener aansprakelijk op grond van de wet Ketenaansprakelijkheid.
Ook moet er een dossier zijn van elke flexkracht, met een kopie van het identiteisbewijs, bij voorkeur een geschikte VAR-verklaring (een Verklaring Arbeidsrelatie van de fiscus bij inhuur van een zzp'er), een VOG (Verklaring omtrent Gedrag, in de volksmond geheten 'Verklaring van goed gedrag'), een kopie van een deugdelijk contract, een verklaring dat de flexkracht kennis heeft genomen van de gedragsregels van de inlener en deze zal naleven.
Bedenk ook dat de fiscus tot 5 jaar terug kan controleren bij zowel de inlener als de flexkracht, dus het is aan te bevelen om dit soort stukken ook minstens 5 jaar te bewaren.
Het gaat dus niet alleen om potentieel veel geld, maar ook om imagoverlies indien in de media berichten verschijnen dat uw organisatie met malafide bureaus en flexkrachten zaken heeft gedaan.
| Weer naar boven |